De (on-)menselijkheid van het Nieuwe Werken

Toen laatst een opdrachtgever mij vroeg of ik zijn medewerkers kon trainen in het ‘nieuwe werken’ wist ik meteen dat ik dat niet wilde. Het ‘nieuwe werken’ houdt in dat medewerkers geen eigen plek meer hebben op hun werk. Zij halen ‘s morgens hun koffer met persoonlijke zaken uit een kluisje en zoeken dan een geschikte werkplek voor de werkzaamheden die ze gaan doen. Afhankelijk van het werk dat je doet, ga je op een rustige plek zitten, een creatieve plek, of een bespreekplek, enzovoort. Er zijn echter veel medewerkers die daar maar niet aan kunnen wennen. Soms vinden er ‘gevechten’ plaats omdat ze op ‘hun oude plekkie’ willen gaan zitten en er al iemand anders zit.
Het is volgens mij heel menselijk dat medewerkers een eigen plek wensen. Ik denk dat het een diep menselijke behoefte is die te maken heeft met veiligheid en verbinding kunnen aangaan. Natuurlijk, ik ben al oud en ik zal de moderne trends wel niet goed begrijpen. Maar volgens mij zijn de diepe behoeften van mensen niet zo trendgevoelig als men wil suggereren. Het zijn evolutionair ontwikkelde instincten die volgens mij op een andere tijdschaal veranderen dan onze trends. Management ideeën die voorbij gaan aan de diepe behoeften van mensen (en dat zijn er vele) zijn volgens mij dan ook gedoemd te mislukken. Als ze toch doorgevoerd worden dan moeten de medewerkers hun diepe behoeften negeren en dat leidt niet tot enthousiasme, creativiteit, en zeker niet tot loyaliteit.
Dat is nu net precies het tegenovergestelde van wat we bij ZO aan de Maas met mensen willen bereiken. Logisch dat ik meteen wist dat ik aan zo’n training niet wilde meewerken.

Deel dit bericht op twitter!

Reacties zijn gesloten.